Blog
In deze blogpost geven we een update over netcongestie in de Nederlandse markt. Waarom is er netcongestie? Welke impact heeft dit op macro- en microniveau? Wat zijn de oplossingen voor organisaties en welke uitdagingen blijven bestaan? Kortom: een actueel overzicht van de stand van zaken rondom netcongestie in Nederland.
Dit artikel zullen we continu blijven verbeteren. Mis je zaken in dit blog? Laat het weten door bericht te sturen naar wattmaestro@evalan.com. We vullen het graag aan!
Netcongestie is een situatie waarbij het elektriciteitsnet onvoldoende capaciteit heeft om op bepaalde momenten alle gevraagde of opgewekte stroom te transporteren. Dit kan betekenen dat bedrijven hun elektriciteitsnetaansluiting niet kunnen uitbreiden, dat zonne- of windenergie-installaties moeten worden afgeschakeld, dat teruglevering niet mogelijk is, of dat er vertraging ontstaat bij de realisatie van nieuwe woonwijken.
Technisch gezien heeft elk onderdeel van het elektriciteitsnet, zoals kabels, schakelkasten en transformatoren (trafo’s), een maximale stroomsterkte (in Ampère) die het veilig kan verwerken. Bij overschrijding dreigen oververhitting en schade. Dit geldt voor het hoogspanningsnetwerk in beheer bij Tennet, het middenspanningsnetwerk in beheer bij de regionale netbeheerders en het laagspanningsnetwerk in de wijk (ook in beheer bij de regionale netbeheerders).
Daarom zijn er beveiligingssystemen en vooraf ingestelde grenzen die niet overschreden mogen worden. Op lokaal niveau kan het bijvoorbeeld gebeuren dat omvormers van zonnepanelen uitschakelen omdat ze boven de 253 Volt uitkomen (meer dan 10% boven de reguliere 230 Volt).
Netcongestie wordt vaak vergeleken met files op de snelweg. Net zoals bij verkeersopstoppingen is netcongestie geen permanent probleem, maar doet het zich alleen op specifieke tijdstippen voor. Een kabel op het elektriciteitsnet wordt gemiddeld slechts 30% benut. De pieken zijn een uitdaging, maar er is nog veel ruimte in het gemiddelde gebruik. Door te sturen op daluren ontstaat er volop ruimte.
Om bij het begin te beginnen: Het elektriciteitsverbruik van Nederland ligt, opmerkelijk genoeg, al jaren vrijwel gelijk. In 2005 was het 110 TWh, in 2024 was het 111 TWh. En toch hebben we netcongestie.
Er zijn twee soorten netcongestie: voor invoeding (ook wel: injectie of teruglevering) en voor afname. Beide zijn afhankelijk van de ‘dikte’ van de kabel, maar kunnen een totaal ander beeld geven. Netbeheerders Nederland hebben een digitale kaart gepubliceerd waarop de laatste stand van zaken voor beide te zien is: https://data.partnersinenergie.nl/capaciteitskaart/totaal/afname

Situatie juli 2025: Voor afname van elektriciteit is het kaartje bijna overal rood. Teruglevering is nog zeer beperkt mogelijk in de Randstad. Hoe komt dat?
De hoofdredenen zijn:
Met de komende energietransitie die voor ons ligt om te voldoen aan het klimaatakkoord van Parijs, waarbij een belangrijk onderdeel is dat we veel meer gaan elektrificeren, is het duidelijk dat het energienet de komende jaren de beperkende factor blijft.
In beperkte mate is het ook een theoretisch probleem. De netbeheerders hebben veelal capaciteit afgegeven, terwijl sommige organisaties deze nooit daadwerkelijk (maximaal) gebruiken. Zo kan een gebied in theorie op slot zitten terwijl er in de praktijk nooit een probleem ontstaat. Daar probeert de politiek nu wat aan te doen.
Het elektriciteitsnet heeft dus nu al op vele plekken haar maximum bereikt en het probleem is groeiende. Er staan in het laatste rapport meer dan 20.000 organisaties op de wachtlijst om aangesloten te worden. 8440 unieke verzoeken voor invoeding, 11.922 unieke verzoeken voor afname. En deze wachtlijst is groeiende.

Dit terwijl we als maatschappij over willen stappen naar een schoon en volledig duurzaam energiesysteem. Dat betekent veel verdere elektrificatie van onze samenleving. Dus meer elektrisch vervoer, meer warmtepompen en het liefst ook industrie die overstapt op groene stroom. Voor de goede orde: We zitten nu op ongeveer 1/5de duurzame energie (waarvan elektriciteit een onderdeel is) in Nederland.
De energietransitie gebeurt op twee assen: 1. Eerst van grijze stroom naar groene stroom en vervolgens vervangen we de (fossiele) moleculen door groene elektronen.
Dat betekent ook dat de echte elektrificatie nog voor ons ligt. Netbeheerders Nederland gaat er vanuit dat we tussen de 338 en 560 TWh uitkomen in 2050. Dat is ten opzichte van de 111 TWh in 2024.
Dat betekent dat de netbeheerders:
‘…Voor 2050 zo’n 50.000 transformatorhuisjes bijgebouwd worden naast de 100.000 huisjes die er nu zijn, maar er moeten ook meer dan 670 hoog- en middenspanningsstation worden bijgebouwd…’
Dat zijn echt gigantische uitdagingen, ook omdat dit nog veel ruimte in beslag neemt. Meer dan 11.000 voetbalvelden groot. Terwijl ruimte al zo schaars is in Nederland.
Recent gaven de netbeheerders al aan de komende jaren 195 miljard euro te investeren in het elektriciteitsnet. Dat heeft als extra effect dat het nog meer loont om het ‘achter de meter’ op te lossen. Het gebruik van het elektriciteitsnet zal immers echt heel veel duurder worden.
Tegelijkertijd betekent het dat Nederland (en andere delen van Europa) minimaal de komende 5 tot 10 jaar echt nog heel veel last gaat hebben van netcongestie.
Sidenote: Naast netcongestie zal de leveringszekerheid lager worden, want de uitdagingen om het elektriciteitsnet in balans te houden worden ook steeds uitdagender door de groei van hernieuwbare energie. We hebben een gigantisch betrouwbaar energienet, maar iets minder betrouwbaar heeft ook impact op de economische groei, zie volgende punt.
Netcongestie remt onze economie en raakt de samenleving diep. Nu al leidt het tot minder economische activiteit, simpelweg omdat bedrijven niet kunnen uitbreiden of starten. En in de toekomst betekent het miljarden aan investeringen in netverzwaring – kosten die uiteindelijk ook weer moeten worden terugverdiend.
De gevolgen zijn zichtbaar en voelbaar:
Nieuwe woningen en bedrijventerreinen worden uitgesteld of afgeblazen. Ondernemers die willen groeien en daarvoor een zwaardere netaansluiting nodig hebben, moeten wachten. Veel nieuwe zon- en windprojecten komen niet van de grond omdat teruglevering onmogelijk is. Het gevolg: Nederland blijft onder zijn economische potentieel.
De impact van netcongestie in Nederland is berekend:
“Door netcongestie lopen we circa 10 tot 35 miljard euro aan economische baten mis. Het zorgt ervoor dat er maar beperkt nieuwe bedrijven kunnen starten en huidige bedrijven niet kunnen uitbreiden.”
— BCG – Haal de kink uit de kabel i.s.m. Ecorys: Social Costs of Grid Congestion
En dat leidt tot lastige politieke vragen:
Wie mag er als eerste weer aangesloten worden? De partij die bovenaan de wachtlijst staat, of degene met de grootste maatschappelijke waarde? Hoe maak je die keuze op een eerlijke en effectieve manier?
Zeker is dat dit niet eenvoudig op te lossen is. Maar het is ook duidelijk: hoe sneller we de netcongestie aanpakken, hoe beter. Niet alleen om economische kansen veilig te stellen, maar ook om de energietransitie haalbaar te houden.
De druk op het elektriciteitsnet vormt een grote uitdaging voor Nederland. Alle betrokken partijen, zoals de netbeheerders en landelijke politiek, werken hard aan oplossingen. Deze zijn grofweg onder te verdelen in twee strategieën:
Er zijn verschillende initiatieven om de bestaande netcapaciteit efficiënter te benutten:
Traditioneel hielden netbeheerders een ruime veiligheidsmarge aan om storingen op te vangen. Inmiddels wordt op steeds meer plekken ook deze ‘vluchtstrook’ benut. Door deze reservecapaciteit actief in te zetten, ontstaat direct extra ruimte op het net voor nieuwe aansluitingen in de directe omgeving.
Met de introductie van een nieuwe netcode is er een markt ontstaan voor congestiediensten. Congestion Service Providers (CSP’s) kunnen via het platform GOPACS flexibiliteit aanbieden in ruil voor een vergoeding. Hiermee wordt productie of verbruik gestuurd op basis van marktsignalen. Een overzicht van alle CSP’s in Nederland vind je hier.
Veel bedrijven hebben in het verleden capaciteit geclaimd waar ze zelden of nooit gebruik van maken. Door nieuwe contractvormen kunnen deze ‘stille reserves’ worden vrijgemaakt. Denk aan situaties waarin bedrijven slechts enkele uren per dag piekvermogen nodig hebben. Buiten die momenten is er vaak nog capaciteit beschikbaar.
Om die ruimte daadwerkelijk te benutten, ontwikkelen netbeheerders contractvormen waarmee flexibel gebruik van het net wordt vastgelegd. Denk aan:
Bron: Netbeheer Nederland – Stand van de Uitvoering Q1 2025
Daarnaast ontstaan er steeds meer prijssignalen en uitvragen in de markt om flexibiliteit aan te bieden – bijvoorbeeld het tijdelijk terugschakelen van productie of het slim laden van batterijen of elektrische voertuigen. Daartegenover staat dan een vergoeding.
Naast slim netgebruik is er ook een enorme investeringsopgave. De netbeheerders verwachten de komende jaren €195 miljard te investeren in netuitbreiding. Deze ‘koperen plaat’ wordt op allerlei manieren versterkt:
Toch is versnelling complex. In Nederland kost het gemiddeld 10 jaar om een nieuw hoogspanningsstation of tracé te realiseren. Dit komt door langdurige vergunningsprocedures, schaarse ruimte en veelvuldig bezwaar. Daardoor is het lastig voor netbeheerders om snel in te spelen op veranderende omstandigheden.
De overheid speelt hierin een sleutelrol: vergunningsprocedures moeten sneller, zonder afbreuk te doen aan zorgvuldigheid. De beslissingen vandaag anticiperen op het energiesysteem dat er in 2036 is. Terwijl er in de tussentijd veel kan veranderen.
Een bijkomend effect van eerdere exploitatiesubsidies zoals de SDE+ voor duurzame energie is dat veel zon- en windprojecten zijn gerealiseerd op plekken met goedkope grond, vaak ver van bestaande infrastructuur. Dit heeft de druk op het net in die gebieden verhoogd, zonder dat er lokaal extra stroomvraag tegenover stond.
Ook toekomstige besluiten, zoals de bouw van nieuwe kerncentrales, zullen een grote impact hebben op het energiesysteem. Netbeheerders moeten hierop anticiperen, ondanks de lange ontwikkeltrajecten voor nieuwe infrastructuur.
Steeds meer ondernemers krijgen te horen dat zij pas over jaren in aanmerking komen voor een zwaardere netaansluiting – soms pas in 2031. Wachten is vaak geen optie. Gelukkig zijn er nú al diverse oplossingen om toch te kunnen blijven groeien, binnen de huidige netaansluiting.
Een belangrijke ontwikkeling is de razendsnelle kostendaling van energieopslagsystemen op basis van lithium-ion technologie. Waar een standalone batterij misschien nog niet altijd een sluitende businesscase heeft, is het rendement vaak wél positief als je kijkt naar de opportunity costs van stilstand. Want niet kunnen groeien kost op termijn veel meer.
Veel organisaties kunnen binnen hun bestaande aansluiting al meer verbruiken door slimmer te schakelen en pieken te voorkomen. Enkele praktische mogelijkheden:
Denk aan LED-verlichting, isolatie en onnodig standby staan van apparaten.
Denk aan zonnepanelen, een windturbine, geothermie of (in noodgevallen) een aggregaat.
Bijvoorbeeld door zonnepanelen zo te oriënteren dat de productie past bij het dagelijkse verbruiksprofiel van de locatie.
Door gebruik van batterijen of slimme laadstrategieën voor elektrische voertuigen en machines. Zo wordt energie opgeslagen of juist verbruikt op momenten dat de netbelasting laag is.
Een slim energiemanagementsysteem optimaliseert automatisch het energiegebruik, stuurt op basis van energieverbruikprofielen en de huidige staat van energieopslag aan en zorgt dat:
Slimmer omgaan met de aansluiting levert niet alleen direct ruimte op, maar is ook toekomstbestendig: netwerkkosten gaan onvermijdelijk stijgen. Volgens Netbeheer Nederland zullen de tarieven tot 2040 jaarlijks met 4,8% tot 6,7% stijgen, dat betekent een verdubbeling of zelfs verdrievoudiging ten opzichte van 2024.
Een andere kansrijke oplossing is samenwerking met buren via een gezamenlijke aansluiting op een middenspanningsstation, dit wordt ook wel een energiehub genoemd. Door onderling afspraken te maken dat de gezamenlijke piek onder een drempel blijft, kan de beschikbare capaciteit efficiënter benut worden.
Een recente analyse van NVDE en Holland Solar bevestigt de potentie:
“De combinatie van zonne- en windenergie, opslag en onderlinge energielevering werkt het best. Dit bespaart ondernemers veel geld, de energiekosten dalen tot 50%.”
Volgens Royal HaskoningDHV is er ruimte in Nederland voor 1183 energiehubs, goed voor een verlichting van het net met maar liefst 3,2 GW, dat is meer dan zes keer het vermogen van kerncentrale Borssele.
Maar: in de praktijk vergen energiehubs veel voorbereiding en samenwerking. Juridische constructies, gezamenlijke regie en een heldere verdeling van investeringen maken het opstarttraject vaak traag en complex. Op lange termijn zijn de voordelen enorm, maar voor snelle groei op korte termijn zijn individuele optimalisaties vaak effectiever.
Netcongestie is dus niet zomaar verdwenen en gaat echt een grote rol spelen de komende jaren. Wat zijn dus de tips als er netcongestie is bij jou in de buurt? En dat is dus bijna bij iedereen:
Last van netcongestie en wil je doorgroeien? Wij helpen je graag.
Plan direct een meeting in of neem contact op via mail of telefoon (+31 20 779 0344).
WattMaestro: dé dirigent van jouw zakelijke energiesystemen.
Onze specialisten helpen je graag verder. Bijvoorbeeld met Henk Schwieters, oprichter van het moederbedrijf van WattMaestro: Evalan B.V. Het Nederlandse Internet of Things bedrijf met 20 jaar ervaring dat werkt voor grote organisaties als Ministerie van Defensie, Heineken en BAM.